linesmanEen politieke thriller tegen fantasy-achtergrond met een scifi-smaak.

Ruimteschepen hebben ‘lijnen’ nodig om van de ene plek in de ruimte naar de andere te kunnen springen, wat ze effectief sneller dan het licht laat reizen. Deze lijnen worden geproduceerd in vat met chemicali├źn in fabrieken. Dit gebeurt al honderden jaren. Desondanks heeft geen mens een idee hoe ze werken.

Speciale ‘lijnmannen’ werken met de lijnen. Ze herstellen ze maar dat werkt voornamelijk op basis van intu├»tie en een soort meditatie. Er zijn tien lijnen, allemaal met hun eigen functie (behalve zeven en acht, daarvan is de functie onbekend). Lijnman kan je alleen worden als je er aanleg voor hebt en van jongs af aan getraind wordt. De hoofdpersoon, Ean Lambert, komt uit een sloppenwijk en heeft wel enorme aanleg maar te weinig formele training. In plaats van zuiver mentaal werkt hij met de lijnen op basis van zang. Hierom wordt hij door zijn collega’s met de nek aangekeken.

Ergens in de ruimte is een ruimteschip (of een -station? of een random plaats?) gevonden dat lijnmannen aantrekt. Ean mag niet van zijn werkgever en blijft dus als enige over. Als hij door een prinses en haar grote ruimteschip wordt gekocht, blijkt dat zijn methode hem bijzondere kwaliteiten geeft.

Dit alles speelt in een omgeving van politieke intriges, verraad, allianties, enzovoorts. Het hele boek zit stampvol strategie met betrekking tot personen, gildes en politieke en militaire organen.

Alles leuk en aardig maar waarom de schrijvers van dit boek zo’n onzinnig pseudotechnisch uitgangspunt hebben gekozen, is mij een raadsel. Het boek gaat vrijwel niet in op de aard, de werking en het doel van de lijnen en de hele idee doet erg aan als een zwaktebod.

Als je van politieke thrillers houdt en niet vies bent van fantasy vermomd als scifi dan is dit een prima boek. Het is redelijk spannend, redelijk goed geschreven en het geeft de opmaat tot een hele serie vervolgen. Maar ik had graag een duidelijker technische onderbouwing gezien in plaats van deze ‘handwavium’: “We weten dat het werkt, maar niet hoe.”