Okee, deel 1: Binti, een jonge vrouw van het Himbavolk, vertrekt naar een buitenaardse universiteit. De Himba zijn geschokt want Himba blijven thuis en gaan niet weg. Binti raakt bevriend met de alien Owku, een meduse (een soort vliegende kwal).

Deel 2: Binti komt thuis en komt erachter dat ze heel zo Himba niet is. Het blijkt een beetje schone schijn.

Deel 3: de medusa raken slaags met de mensen en Binti krijgt de schuld, want zij is het meisje dat wegging. Tegelijkertijd is zij degene die dit soort conflicten op kan lossen.

Deel 1 was een heel mooi compact werkje met potentie genoeg voor een complete roman en viel terecht in de prijzen. Dit derde deel is eigenlijk voornamelijk nogal verwarrende world-building met een iets te goedkope stijl en heel veel introspectie van Binti zelf.

Prima als je van vage fantasy houdt maar voor een scifi-liefhebber is het niet echt geschikt: het draait meer om de vorm dan om de inhoud.

De hele Bintiserie is eigenlijk één grote illustratie van het gevoel ergens thuis te horen, je eigen weg zoeken en vervreemding. Binti’s haar is in deel een vervangen door medusetentakels (die erg op haar dikke lokken lijken). Ze is dus letterlijk onderdeel van de grote boze buitenwereld geworden.

De symboliek is duidelijk en wordt mooi beschreven maar doordat de regels van Binti’s wereld niet onze eigen natuurwetten volgen, is het moeilijk te volgen waarom sommige dingen ineens lopen zoals ze doen. Dat is onderdeel van de world-building en vraagt te veel van mijn voluntary suspension of disbelief.